CLP-etiket voor kaarsen: wat moet erop?
Veel geurkaarsen en diffusers moeten een CLP-etiket hebben. In deze gids lees je wanneer dat nodig is, wat erop staat en hoe je het praktisch oplost.
Wanneer heeft een kaars een CLP-etiket nodig?
Een geurkaars of diffuser heeft een CLP-etiket nodig als het eindproduct als gevaarlijk wordt ingedeeld. Dat komt meestal door de geurolie: veel geurstoffen kunnen een allergische huidreactie veroorzaken of zijn schadelijk voor in het water levende organismen. Of dat voor jouw product geldt, hangt af van de geurolie en het percentage dat je gebruikt.
Wat staat er op een CLP-etiket?
- De productnaam en de stoffen die de indeling veroorzaken
- Naam, adres en telefoonnummer van de leverancier (jij, als je de kaars op de markt brengt)
- Gevarenpictogrammen, zoals het uitroepteken of de dode boom en vis
- Een signaalwoord: "Waarschuwing" of "Gevaar"
- Gevarenaanduidingen (H-zinnen) en voorzorgsmaatregelen (P-zinnen)
- De nominale hoeveelheid, bij verkoop aan consumenten
- Waar van toepassing een UFI-code
Hoe pas je het praktisch toe?
De meeste makers kiezen een merketiket op de voorkant en een apart CLP-etiket op de achter- of onderkant. Zo blijft de voorkant mooi en staat alle verplichte informatie leesbaar op het product. De pictogrammen moeten groot genoeg zijn; check de minimale afmetingen bij je etiketleverancier.
Twee etiketten, één handeling
Met de Cylindra One plak je het merketiket en het CLP-etiket in één doorgang, op vaste afstand van elkaar. Dat scheelt een tweede handeling per kaars, en elk etiket zit op dezelfde hoogte. Bekijk de machine voor kaarsen.